Inleiding
De zorg voor de vermogensrechtelijke aangelegenheden berust bij de kerkenraad. De kerkenraad vertrouwt de verzorging van de vermogensrechtelijke aangelegenheden van de gemeente van niet-diaconale aard toe aan het College van Kerkrentmeesters. Het college stemt haar beleid af op het beleid van de kerkenraad en doet verslag van haar werkzaamheden aan de kerkenraad. 

Doelstelling en taken
Het college heeft in het algemeen als doelstelling en taak: 
Het in overleg met en in verantwoording aan de kerkenraad scheppen en onderhouden van de materiële en financiële voorwaarden voor het leven en werken van de gemeente door:

  • het meewerken aan de totstandkoming van het beleidsplan, de begroting, jaarrekening en collecterooster
  • het zorgdragen voor de geldwerving
  • het zorgdragen voor het periodiek verschijnen van BijEen
  • het zorgdragen voor het beschikbaar zijn van ruimten voor de erediensten en andere activiteiten van de gemeente
  • het beheren van de goederen van de gemeente
  • het zorgdragen voor het personeelsbeleid en de arbeidsvoorwaarden van hen die krachtens een arbeidsovereenkomst bij de gemeente werkzaam zijn, op niet-diaconaal terrein
  • het fungeren als opdrachtgever van kosters, beheerders van gebouwen en eventueel overig personeel
  • het bijhouden van de (leden)registers van gemeente, het doopboek, het belijdenisboek en het trouwboek
  • het beheren van de archieven van de gemeente
  • het beheren van de verzekeringspolissen van de gemeente

Met het oog op de bovengenoemde taken zijn de ouderling kerkrentmeesters, in principe, vrijgesteld van hun pastorale en missionaire roeping en de herderlijke zorg.

Uitvoering
De gemeente heeft rechtspersoonlijkheid. De gemeente wordt in vermogensrechtelijke aangelegenheden van niet-diaconale aard vertegenwoordigd door de voorzitter en de secretaris van het college. Het college stelt voor de uitvoering van haar taken een werkplan vast.

 

Terug - Naar boven - Volgende

Agenda

Zoeken

Taizé - Dagtekst

  • ZON. 19 augustus
    Jezus zegt: Wie mijn lichaam eet en mijn bloed drinkt, heeft eeuwig leven en hem zal ik op de laatste dag uit de dood opwekken. (Joh 6:51-58)